Instructie - Leerlingenprofiel

Screen jezelf

  • Houd ik bij de instructie rekening met de totale ontwikkeling van mijn leerlingen?
  • Stem ik de instructie af op de beginsituatie van de leerlingen in mijn klas?
  • Op welke manier sluit mijn instructie aan op de leefwereld van de leerlingen?

Video

Toelichting

Tijdens de wiskundeles van het eerste leerjaar betrekt de meester de leefwereld van de leerlingen. Deze klas gaat binnen een paar dagen op schooluitstap naar de zoo waardoor de les volledig in het thema van de dierentuin is.

In een andere school ging de les wiskunde in het vijfde leerjaar over vierhoeken (ruiten, trapezium, rechthoek, vierkant, ... ). Begrippen zoals loodrecht en evenwijdig werden hier ook herhaald. De leerkracht zorgde ervoor dat de instructie aansloot bij de beginsituatie van de leerlingen. Zo deelde ze de leerlingen in in verschillende groepen en kregen die elk een andere opdracht naargelang hun voorkennis. De opdrachten waren zo vormgegeven dat ze ook aansloten bij de leefwereld van de leerlingen. Eén groep leerlingen werkte aan een appartement: de architect had alles getekend maar het had hard gewaaid waardoor alles door elkaar zat. De leerlingen moesten aan de hand van de richtlijnen van de architect helpen om het appartement opnieuw op te bouwen. Twee groepen werkten aan de voltooiing van een schilderij. De leerlingen kregen al een deel van het schilderij en moesten aan de hand van vierhoeken dit schilderij vervolledigen. Nog twee andere groepen kregen een dierentuin waarbij ze de koten van de dieren moesten ontwerpen. Deze twee groepen waren van elkaar gescheiden omwille van hun voorkennis: de ene groep maakte de koten m.b.v. tandenstokers (praktisch), de andere groep tekende het op papier (abstract).

Meer inspiratie?

Wanneer interesses, dromen of de leefwereld van kinderen in de instructie verwerkt worden, worden leerlingen geprikkeld om met de leerinhouden aan de slag te gaan en worden ze intrinsiek gemotiveerd. Hierdoor wordt de les geen ‘ver van mijn bed’-show. In de film zagen we reeds het voorbeeld van de dierentuin, maar ook in de wiskundeles van het vijfde leerjaar bijvoorbeeld kan er bij het berekenen van de oppervlakte de oppervlakte van de klas, de gemeente, België enz. opgezocht worden. Dit zijn allemaal zaken die concreet en vatbaar zijn voor leerlingen.

Afhankelijk van de beginsituatie kunnen leerlingen de instructie op voorhand reeds lezen. Wanneer een leerling niet goed kan lezen, dyslexie heeft of anderstalig is bijvoorbeeld, is het een meerwaarde wanneer ze al op voorhand weten wat ze zullen moeten doen.

Heb je zelf nog een goed praktijkvoorbeeld of een goede tip? Laat het ons zeker weten! Klik hier om jouw ideeën door te sturen.